Architect
prof. ir. Hans Ruijssenaars
Opdrachtgever
Universiteit Leiden
Constructeur
Aronsohn Raadgevend Ingenieursbureau
Hoofdaannemer
Heymans IBC Bouw
Opdracht
1998
Bouwjaar
2002-2004
Bruto oppervlak
20.000 m2
Bouwsom
€ 29.390.000,00
(excl. btw en honorarium)
Fotografie
Jan Derwig, Hans Ruijssenaars
Werknummer
9830
Ontwerp
Het monumentale Kamerlingh Onnes Laboratorium in
de binnenstad van Leiden stamt uit 1856. Van solitaire
gebouwen in een park is het complex door verdichting
ontwikkeld tot een nieuw stadsblok. Tot voor kort werkten
natuurkundigen in dit Laboratorium dat vernoemd is
naar de Leidse hoogleraar Heike Kamerlingh Onnes.
Hij bereikte als eerste temperaturen tot een duizendste
graad boven het absolute nulpunt (-273 C) en ontdekte
en passant de supergeleiding. Ook andere grote
natuurkundigen als Lorentz, Bohr en Einstein hebben
in het laboratorium gewerkt of colleges gegeven als
gastdocent. Na een ingrijpende verbouwing zal het
Kamerlingh Onnes complex onderdak gaan bieden aan
de gehele rechtenfaculteit. Deze faculteit was gaandeweg
verspreid geraakt over een groot aantal gebouwen en
komt nu weer samen in één gebouw.
De oorspronkelijke bebouwing aan de Steenschuur wordt
aan de buitenzijde gerestaureerd en de monumentale
voorgevel van architect des Konings (koning Willem
III) Henri F.G.N. Camp (1821-1875) zichtbaar gemaakt.
Van binnen wordt het gebouw gerenoveerd waarbij
waardevolle interieurelementen zoals de imposante
collegezaal intact blijven. De al in de vorige eeuw
aangebouwd vestibule wordt de nieuwe centrale entree.
De bebouwing aan de Nieuwsteeg blijft gehandhaafd.
Van de bebouwing aan de Zonneveldstraat worden de
gevels opnieuw bekleed. Op het bestaande betonskelet
is een vierde verdieping geplaatst. Deze is 3,5 meter van
de gevellijn teruggelegd waardoor de bezonning van de
Zonneveldstraat verbetert. Aan de kant van de Langebrug
is nieuwbouw in drie bouwlagen gerealiseerd. Door deze
ingrepen ontstaat een nieuw stadsblok met een grote
trapezoïde-vormige ruimte in het hart.
Essentieel en centraal in de Faculteit der Rechtsgeleerdheid
bevindt zich de relatief omvangrijke bibliotheek. Opslag
en toegankelijkheid van kennis, nieuwsgierigheid, de
wil om te leren. De bibliotheek is als het hart van de
faculteit op het binnenterrein gesitueerd en bestaat uit
één bouwlaag met daarin twee entresols. Daglicht komt
rondom de bibliotheek naar binnen als ook via een
glazen koker. Hierdoor is overal een rechtstreeks visueel
contact mogelijk met het buitenklimaat.
Rondom deze bibliotheek zijn de vier bouwdelen (drie
bestaand, één nieuw) logistiek gekoppeld. Dit leidt tot
een circuit van lesgeven, onderzoek en restauratieve
voorziening rond de bibliotheek. Op de begane grond,
eerste verdieping en het souterrain bevinden zich vrijwel
alle collectieve ruimten. Op de overige lagen bevinden
zich meerendeels de niet publieke ruimten.
De college-zalen ten behoeve van hoor- en werkcolleges
grenzen aan de bibliotheek en ontvangen boven- en
zijlicht door de opaal-glazen-bouwsteen-wanden.
Leidend beginsel bij alle architectonische ingrepen is de
fundamentele waarde van daglicht geweest.
Er is ontstaan een flexibel, multifunctioneel gebouw dat
aanzienlijk kan bijdragen aan de nieuwe identiteit van de
Faculteit der Rechtsgeleerdheid.
Bij de gratie van daglicht.
Projectmedewerkers
Gerrit Apeldoorn, Piet Besteman,
Fieke But, Roosmarie Carree, Joep Damstra, Michael
Durgaram, Gert-Jan van Ginneke, Pieter Hoogendoorn,
Jos de Kler, Annemarie Schuitema, Nono van der Veen,
Silvester Vermast, Simon van Zadelhoff.
Publicaties